EYCH2018

 

 

  de voormalige ETIZ-centrale in Izegem
  the former ETIZ electrical power station at Izegem

 

ETIZ - former municipal  power station
Prins Albertlaan 5, B-8870 Izegem

Open (guided visits): 04.03.2018, 15:00 - 16:30

Contact:
Eperon d'Or, industrial heritage site
Prins Albertlaan 5, B_8870 Izegem
www.eperondor.be
eperondor@izegem.be

Z

 

ETIZ Izegem

ETIZ Izegem

 

ETIZ Izegem

 

ETIZ Izegem

 

Op 29 juli 1899 nam de Izegemse gemeenteraad de beslissing om over te gaan "het verlichten der stad met den elektriek". Op 22 september 1901 werd de eerste centrale ingehuldigd door Koning Albert 1. Ze was uitgerust met 2 stoomketels en 2 stoommachines van 60 pk die 2 dynamo's van 40 kW aandreven. In 1907, 1911, 1921 en 1925 werden bijkomende zuigerstoommachines geplaatst. Die zijn nu allemaal verdwenen.

In 1936 voldeden de oude stoommachines niet meer, en werd er een nieuwe van 1650 pk met vliegwielalternator geplaatst. De tandem-compound stoommachine werd gebouwd door de Gentse werkhuizen Carels-Van den Kerchove, met een hogedrukcylinder (12 kg/cm²) en een lagedrukcilinder (5 kg/cm²) die in lijn opgesteld zijn.  De elektrische installatie werd geleverd door ACEC (Ateliers de Constructions Électriques de Charleroi). Een gelijkstroomdynamo  produceerde gelijkstroom voor het oudste deel van de stad (ACEC 575 kW – 230 V – 2500 A) en voor de voeding van de bekrachtigingsstroom van de alternator.  en een (ACEC 600 kVA B 10 kV B 34,6 A ster). De vliegwielalternator produceerde wisselstroom: op het vliegwiel zijn elektromagneten (220 V – 65 A), gevoed door de gelijkstroom, gemonteerd die wisselstroom opwekken in de stator (ACEC 600 kVA – 10 kV – 34,6 A ster). De wisselstroom werd gebruikt voor de buitenwijken.

Vanaf 1950 kocht de stad Izegem zijn elektriciteit op hoogspanning aan en vanaf dan diende centrale enkel nog als piekcentrale, vanaf 1955 als reservecentrale, om in 1966 definitief stilgelegd te worden.

Toen er vergevorderde plannen bestonden om de machine tot schroot te herleiden, werd ze met spoed op 13 april 1978 beschermd als monument. In deze bescherming was het gebouw niet inbegrepen, omdat de machine zelf voldoende als 'onroerend' bestempeld werd en er op dat ogenblik nog weinig belangstelling bestond voor de architectuur van de jaren 1930.
Bij besluit van 21 mei 2014 werd de bescherming uitgebreid tot heel het gebouw inclusief de achterliggende fabrieksschoorsteen.

De machine wordt nu beheerd door de stedelijke musea van Izegem als 'Museum van Stoom en Stroom'. Ze wordt onderhouden door een toegewijde groep van ‘Stoomvrienden’

 

On July 29, 1899, the Izegem City Council took the decision to proceed with "illuminating the city by means of electricity". On September 22, 1901, the first power station was inaugurated by King Albert I. It was equiped with two steam boilers and two steam engines of 60 hp that drove two alternators of 40 kW. Additional piston steam engines were installed in 1907, 1911, 1921 and 1925. They now all have disappeared.

In 1936 the old steam engines no longer met, and a strong new one, 1650 hp with flywheel alternator, was installed. The tandem-compound steam engine was built by the Ghent workshops Carels-Van den Kerchove, with a high-pressure cylinder (12 kg / cm²) and a low-pressure cylinder (5 kg / cm²) in line. The electrical installation was supplied by ACEC (Ateliers de Constructions Électriques de Charleroi). A direct current dynamo produced DC for the oldest part of the city (ACEC 575 kW - 230 V - 2500 A).
The flywheel alternator produces alternating current: electromagnets (220 V - 65 A), powered by the direct current, are mounted on the flywheel, which generates AC in the stator (ACEC 600 kVA - 10 kV - 34.6 A star). The alternating current was used for the suburbs.

From 1950 the city of Izegem purchased its electricity at high voltage and from then on, the power plant only served as a peak, from 1955 as a backup power station, to be completely shut down in 1966.

When there were advanced plans to scrap the 1936 steam engine, it was urgently protected as a historic monument on 13 April 1978. In this protection the building was not included, because the machine itself was sufficiently labeled as 'inmovable', as at that time there was little interest in the architecture of the 1930s. By a decision of the Flemish Government of 21 May 2014, the protection was extended to the entire building including the factory chimney.

The machine is now managed by the city museum of Izegem as 'Museum of Steam and Electricity'. It is maintained by a dedicated group of 'Steam Friends'